Mobiliteitsstudie F45 & overwegen

De fietssnelweg F45 tussen Gent en Oudenaarde wijkt tussen Gavere en Kruisem af van zijn tracé langs het spoor. Door Infrabel en de provincie Oost-Vlaanderen werd de vraag aan VECTRIS gesteld in hoeverre bij het bepalen van het streefbeeld van de overwegen op het grondgebied van de drie betrokken gemeenten (Nazareth-De Pinte, Gavere en Kruisem) er kansen zijn om het tracé alsnog langs het spoor een plaats te geven. Welk tracé verzekert goede verknopingen met het bestaande netwerk en de attractiepolen? Hoe houden we bewoners en landbouwers goed bereikbaar? Welke kansen zijn er om de stationsomgevingen van Gavere-Asper en Zingem op te waarderen? Een boeiende studie waar VECTRIS de gemeenten en actoren graag op het juiste spoor zette.

Onze plan van aanpak bestond erin om een grondige desktopanalyse te doen van de ruime omgeving op verschillende schaalniveau’s (macro, meso en micro). De planningscontext werd meegegeven voor het gebied waaronder het streefbeeld voor de N60. We bekeken de stromen van alle verkeersdeelnemers binnen het projectgebied, we zetten de attractiepolen op kaart en bekeken de pluviale en fluviale kaarten van het gebied. Een GIS-analyse langs het spoor legde de uitdagingen bloot met betrekking tot nodige ruimte om een fietssnelweg te realiseren. Met een plaatsbezoek brachten we extra knelpunten in beeld en kregen we feeling met het projectgebied. Tijdens een overleg met de gemeente en de actoren verrijkten we de kaarten met hun inzichten en verkenden we oplossingen.

Een ruimtelijke analyse toonde hoe de verschillende kamers die ontstaan in het projectgebied zijn opgebouwd uit verschillende clusters (landbouw, industrie, woon en woon/handel). We gingen na welke ontsluitingen wenselijk waren voor voetgangers, fietsers, OV, auto, vracht en landbouwverkeer. We legden dus onze visie op de relaties tussen de kamers vast. Daarnaast bekeken we welke verknopingen met de fietssnelweg moesten worden vastgelegd. Open vraagstukken bleven op dit moment nog het precieze tracé van de fietssnelweg en het al dan niet moeten voorzien van een ontsluiting voor wagens ter hoogte van de deelgemeente Asper.

Er werd een mobiliteitsprofiel opgesteld voor een maatwerkbedrijf vlakbij het spoor om inzicht in hun verkeersstromen te kennen. Verkeerstellingen aan de overwegen en de kruispunten met de N60 brachten inzicht in verkeersstromen. Deze tellingen werden vergeleken met telling uit 2021 om de evolutie in verkeer te zien.

Snedes ter hoogte van de spoorweg geven goed inzicht in de punten waar het maaiveld terug werd bereikt bij zowel een brug als een tunnel. Dit vormde debasis van het schetsontwerp dat dan ook de ruimte-inname naging en de onteigeningen in kaart bracht.

De verschillende tracés voor de fietssnelweg werden op kaart gezet en geëvalueerd met de afwegingstabel van de provincies. Hierbij werden alle criteria kwalitatief en waar kan ook kwantitatief geanalyseerd. Tijdens een overleg met de actoren waaronder de provincie werd er per criterium een score gegeven.

De tracékeuze voor de F45 was nauw verweven met het streefbeeld voor de overwegen. Het geheel werd gevat in een SWOT-analyse die toeliet om het streefbeeld vast te leggen. Er werd ook een stappenplan opgemaakt zodat de tijdslijn duidelijk werd en de flankerende maatregelen die nodig zijn om een stap te zetten.